DELF scolaire B1 oefenen met fouten uit elk onderdeel
Bewaar bij een fout de vraag, je antwoord en de aanwijzing waardoor je anders had kunnen kiezen. Voor een leesvraag kan dat een klein woord zijn dat een uitzondering inleidt. Voor een gesprek is het vaak de laatste opmerking van de ander, waarop je antwoord nog geen reactie geeft.
Laatst bijgewerkt:
Kijk eerst naar het soort antwoord dat een opdracht vraagt. Moet je achterhalen wat iemand van een plan vindt, of moet je zelf met een voorstel komen? Een zin uit een Franse tekst kan prima samenvatten wat de schrijver denkt. Om je eigen mening te geven, heb je ook een reden nodig die voor jou telt.
Luisteren naar een besluit dat nog kan veranderen
Stel je een gesprek voor na een repetitie van het schoolorkest. Iemand zegt: Je voulais répéter vendredi, mais la salle est prise. On pourrait demander à la prof de musique si elle peut venir jeudi. De vrijdag staat hier voor een eerdere wens. Donderdag is een mogelijkheid. De spreker weet nog niet of de docent dan kan. Als de vraag luidt wat de volgende stap is, antwoord je dus dat iemand de beschikbaarheid van de docent moet navragen.
Noteer bij je eerste luisterpoging het werkwoord dat je op een idee bracht. Je voulais en on pourrait drukken verschillende dingen uit. Luister opnieuw en let op de overgang na mais. Herken je vooral vendredi en jeudi, dan kun je de dagen prima verstaan. Je volgende oefening wordt een kort gesprek waarin je moet onderscheiden wat iemand wil, voorstelt of al heeft afgesproken. Zoek op de pagina met oefenmateriaal een opname met zo’n verschil. Leg de vragen uit het bijbehorende examenboekje ernaast als je met die voorbeeldset werkt.
Lezen met de vraag in gedachten
Stel dat er op de schoolsite een bericht staat over de muziekclub: Le club accepte les débutants. Pour participer au concert, il faut toutefois avoir assisté aux répétitions. Mag een beginneling lid worden? Ja. Kan een leerling die net lid is meteen optreden zonder bij de repetities te zijn geweest? Voor het concert geldt een aanvullende voorwaarde. Wie na de eerste zin al antwoordt, kan toetreden tot de club verwarren met optreden in het concert.
Schrijf het onderwerp van de vraag aan de rand. Trek alleen een streep onder de zin die dáár iets over zegt. Voor het optreden is dat de zin met toutefois. Bedenk daarna een vraag waarop de andere zin wél antwoord geeft. Daarmee test je of je begrijpt waarom een op zichzelf juiste mededeling in deze vraag toch de verkeerde keuze kan zijn.
Schrijven voor iemand die je voorstel moet begrijpen
In de schoolvariant schrijf je een samenhangende tekst. De officiële beschrijving van het niveau geeft het vereiste minimum van 160 woorden. Lees voor het schrijven voor wie je schrijft en wat diegene van je wil weten. Een bericht aan een uitwisselingsvriend over de repetitie klinkt anders dan een voorstel aan een docent om een andere ruimte te gebruiken. Kies een passende aanhef en houd je aanspreekvorm vol.
Stel dat je de docent wilt vragen een lokaal beschikbaar te stellen. Nous avons besoin d’une salle vertelt wat jullie nodig hebben. Met Pourrions-nous utiliser votre salle après les cours ? Nous rangerons les chaises après la répétition maak je duidelijk wanneer je wilt komen en hoe je een praktisch bezwaar ondervangt. Breid het bericht uit volgens de opdracht. Laat de lezer na afloop samenvatten welk antwoord je van de docent verwacht. Dat brengt een ontbrekende vraag sneller aan het licht dan het tellen van verbindingswoorden.
Spreken met en zonder een gesprekspartner
Het opgavenblad voor het mondelinge examen onderscheidt het gesprek over jezelf, het rollenspel en de toelichting op een eigen standpunt. De voorbereidingstijd is bedoeld voor het standpunt bij het document. Oefen het persoonlijke gesprek door een klasgenoot te laten doorvragen over iets concreets dat jij noemt. Vertel je dat je in een band speelt, laat dan ruimte om te vragen hoe de eerste repetitie ging.
Bij het rollenspel kan je gesprekspartner een reden geven waarom je voorstel lastig is. Reageer eerst op die reden. Is het lokaal bezet? Een andere ruimte voorstellen brengt het gesprek verder dan nog eens vertellen waarom repeteren leuk is. Bij het standpunt gaat het juist om jouw kijk op een onderwerp dat een korte tekst aansnijdt. Als de tekst vraagt of een repetitieruimte buiten lestijd open moet blijven, leg dan uit wie daarvan profiteert en welke afspraak je daarvoor nodig vindt. Geef een voorbeeld uit een vertrouwde omgeving.
Voorbeeldplan
Trek 15 minuten uit voor een herhaling met een klasgenoot. Lees het bericht over de muziekclub en bedenk samen een vraag over lid worden en een vraag over optreden. Wissel van rol. Laat je klasgenoot een voorwaarde veranderen en kijk of je Franse antwoord mee verandert. Zet de vraag die je nog lastig vond in je weekplanning voor DELF scolaire. Gebruik de volgende korte studiesessie om op een ander bericht precies dat onderscheid nog eens te maken.
Hoe ExamLuma je helpt
Houd eenvoudig overzicht over je eigen studieplan in ExamLuma. ↗
Stel je dagelijkse studiedoel in en volg direct hoe ver je bent. ↗
Leg al je afgeronde studiesessies overzichtelijk vast. ↗

Veelgestelde vragen
Wanneer gebruik ik bij het luisteren een transcript?
Geef eerst zelf antwoord en noteer het fragment waarover je twijfelt. Zoek dat stuk daarna op. Luister nogmaals met de tekst dicht en let op de klemtoon of de woorden die je bij de eerste poging miste.
Hoe oefen ik beleefd reageren in een rollenspel?
Kies van tevoren wie je tegenover je hebt. Formuleer je verzoek voor een vriend en daarna voor een onbekende volwassene. Vraag je oefenpartner vervolgens om een bezwaar, zodat je moet reageren op wat diegene zegt.
Hoe weet ik of mijn standpunt duidelijk genoeg is?
Laat een klasgenoot na het luisteren jouw standpunt en je belangrijkste reden in eigen woorden vertellen. Als je klasgenoot alleen het onderwerp van de brontekst noemt, kijk dan waar je je eigen bijdrage explicieter kunt maken.
Bronnen
- DELF junior/scolaire — niveau B1 · France Éducation international
- DELF junior/scolaire — B1, épreuve individuelle · France Éducation international
- DELF junior/scolaire — B1, épreuves collectives, sujet de démonstration · France Éducation international
- DELF junior/scolaire — exemples de sujets B1 · France Éducation international

